Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Latijn en Xederlandsch in het licht te geven. Nadat Dr. F. L. Rutgers den authentieken tekst van de acta der nationale Synodes van de i6e eeuw *), Reitsma en Van Veen dien der provinciale Synodes tot 1620 2) en de Commission des Eglises Wallonnes het Livre Synodal der Waalsche Kerken 3) hadden uitgegeven, ontbrak nog een uitgave van de acta der Generale Synode van Dordrecht. Tot op zekere hoogte is deze echter minder noodig, omdat de Latijnsche en Hollandsche uitgaven van de Acta dier Synode antiquarisch gemakkelijk te verkrijgen zijn 4i. Geheel anders daarentegen staat het met de Post-acta. De Latijnsche uitgave van 1668 is zeer zeldzaam geworden; en de Hollandsche vertaling in 1669 naar deze editie gemaakt, en later in allerlei kerkelijke handboekjes overgenomen, draagt geen authentiek karakter. Aan een uitgave van den authentieken Latijnschen en Nederduitschen tekst der Post-acta bestond dus metterdaad behoefte. Dat ik daarbij van de tot dusver gevolgde gewoonte bij het uitgeven der Synodale acta ben afgeweken en bij den tekst aanteekeningen heb gevoegd, waarin ik meedeelde, wat mij uit andere bronnen, vooral uit Heyngius' Journaal, voor de kennis der nahandelingen van belang scheen, zal mij zeker niet euvel worden geduid 5).

Aan den tekst der Post-acta laat ik voorafgaan een hoofdstuk, waarin ik de geschiedenis van de Acta der Synode mededeel. Dit was noodzakelijk, omdat nog altoos allerlei legendarische

1i Werken der Marnixvereeniging, Serie II, Deel III : F. L. Rutgers, Acta van de Nederlandsche Synoden der Zestiende eeuw. Ik citeer dit werk voortaan als Rutgers, Acta der Nat. Syn.

') Dr. J. Reitsma en Dr. S. D. van Veen, Acta der Provinciale en Particuliere Synoden, gehouden in de Noordelijke Nederlanden gedurende de jaren 1572—1620. Ik citeer dit werk voortaan als Reitsma, Acta der Prov. Syn.

*) Livre Synodal contenant les Articles Résolus dans les Synodes des Eglises Wallonnes des Pays Bas, 1896, T. I. 1563—1 ^85*

*) Toch zou het de moeite loonen de authentieke acta der Synode uit te geven, omdat deze niet onbelangrijk afwijken van de uitgegeven acta.

B) De opmerking zij mij vergund, eens voor al, dat ik bij het weergeven van oude handschriften de verkortingsteekens heb weggelaten en vervangen door het voluit geschreven woord, evenals dit thans algemeen gebruik is. Ook in de interpunctie bracht ik hier en daar wijziging. Overigens is de reproductie letterlijk.

Sluiten