is toegevoegd aan uw favorieten.

Paedagogische beginselen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was toch te abstract, om op den duur geloof te kunnen wekken. De Atheners besteedden hun tijd tot niets anders dan om wat nieuws te zeggen en te hooren, en Pilatus was de tolk van velen, als hij twijfelend vraagde, wat waarheid was. Maar Christus heeft in zijn persoon, in zijn woord en in zijn werk eene eeuwige, onvergankelijke waarheid geschonken, welke als een kostbaar pand bewaard en aan onze kinderen overgeleverd moet worden, 1 Tim. i 6 : 20. Deze waarheid, door Christus ons geschonken, is dus zeker een middel tot opvoeding van den mènsch, 2 Tim. 3 : 16, maar ook een goed, een schat, een doel, waartoe hij opgevoed moet worden, niet alleen een „Bildungsmittel" maar ook een „Lehrgut". Lijnrecht staat het Christendom daarmede tegenover alle subjectivisme, dat den mensch, hetzij dan den volwassene of het kind, tot maatstaf aller dingen maakt, alleen middelen ter opvoeding en geen doel van het onderwijs kent. God geeft ons zijn woord, opdat het ons vormen zou, maar ook, opdat wij langzamerhand daarin zouden ingroeien en in de genade en kennis van Christus wassen en toenemen zouden. De waarheid is wel voor, maar niet naar en niet om den mensch; de mensch is er veeleer om de waarheid, opdatTIj haar kennen en alzoo vrij worden zou1).

Als het Christendom voor onderwijs en opvoeding niet meer dan dit had gedaan, zou het reeds eene onberekenbare waarde hebben. Maar zijne zegeningen breiden zich nog veel verder uit. De Christe-' lijke religie en theologie heeft zich namelijk allengs in verbinding gesteld met heel den inhoud van het menschelijk kennen en kunnen. Zij staat niet vijandig tegenover de schepping, tegenove£_natuur en cultuujv-maar zij zoekt overal het ware en goede en schoone op, eigent zich dat toe en assimileert het. Al wat goed is en waar en schoon, dat is, omdat het dit is en inzoover het dit is, aan het Christendom verwant. Alles is het eigendom der gemeente, omdat deze Christi, en Christus Godes is, 1 Cor. 3 : 21—23. Bij dit assimilatie-proces was het Christendom altijd meer op de-organische eenheid dan op de veelheid bedacht, en leverde het eene „e_inheitliche" ievens- en wereldbeschouwing, die in de religie en theologie haar middelpunt had en aan het onderwijs in lagere en hoogere school ten grondslag kon worden gelegd. De onderwijsstof werd zelve daardoor een objectief, organisch geheel, een middel tot r

x) Willmann, Didaktik I 220.