is toegevoegd aan uw favorieten.

Gedenkboek ter herinnering aan het overlijden van Dr. A. Kuyper en de sprake die daarbij uit de pers voortkwam

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Aan felle bestrijding heeft het u wel nooit ontbroken?"

„Och, men wordt ten slotte pachyderm, voelt het niet meer, en glimlacht er om. Nog onlangs werd ik in de Nieuwe Courant voorgesteld als een bastaard-burger, op grond dat ik uit een Zwitsersche moeder zou geboren zijn. Nu was mijn lieve moeder wel terdege in Holland geboren in de goede stad Amsterdam. Alleen maar, haar vader was officier van het Zwitsersche Gardecorps geweest. Hoe zou ik nu een rimpel om zoo'n dwaasheid kunnen vertrekken?"

„Volgde u geregeld de opstellen van Dr. Bronsveld?"

„Ik heb de laatste twintig jaar zijn Kroniek zelfs nooit gezien. In de polemiek heb ik altijd alleen die dingen aangepakt, die ik meende, dat wezenlijk aan mijn doel in den weg stonden. Er viel dan trouwens

reeds genoeg te doen Mijn ministerschap, vraagt u? Ja, toen

bereikten de aanvallen wel hun hoogste punt. Ronduit gezegd, een minister is een slaaf aan een zilveren keten Ge ziet dan ook. dat zij, die eenmaal minister geweest zijn, zich meest op een afstand houden als er weer portefeuilles te vergeven zijn."

Ik veroorloofde mij even aan de dagen van Tak en den toen gevoerden strijd te herinneren.

„Ik heb het publiek gezegd", luidde het bescheid, „mijn fout is toen geweest, dat ik heb kunnen gelooven, dat eerlijke samenwerking voor bepaalde punten met de vrijzinnig-democraten mogelijk was. Daarin vergiste ik mij. Bijna geen stem hebben wij van de zoogenaamde Takkianen der Linkerzijde gehad, terwijl ik van mijn kant hun candidaten hielp en zelfs voor hen ging spreken. De zaak is, dat de haat tegen de fijnen er te diep in zit bij die menschen. Ik zeg dit niet aan het adres van sommige leiders, als Prof. Drucker bijv., maar ik denk daarbij aan de volgelingen. Ik had anders gaarne gezien, dat de kiesrechtQuaestie toen finaal afgedaan was geworden, zoodat zij niet telkens den gang der parlementaire werkzaamheden kwam vertragen. Maar dat ik daartoe een samengaan met een deel der Linkerzijde voorstond, was mis gezien. Meer dan ooit is mij toen vooral duidelijk geworden, dat de Linkergroepen onverzoenlijke anti-clericalen zijn en dat, wanneer zij zich voor een periode van acht a twaalf jaar bijv. de meerderheid konden verschaffen, zij het exempel zouden volgen, dat in Frankrijk gegeven wordt. Overigens zullen de sociaal-democraten ook hier te lande gaandeweg terrein winnen. De vrijzinnige democratie beklijft niet. Het zal ten slotte worden een strijd tusschen de socialisten en de christelijke partijen.

De positie der katholieken, vraagt u? Ik heb op mijn reizen nogal gelegenheid gehad vergelijkingen te maken, en mijn bevinding is, dat de Roomschen er het best voorstaan in landen, waar zij naar het aantal in de minderheid zijn, in Amerika, Engeland, Nederland, Duitschland. Hoe ellendig is niet de toestand in Frankrijk! Het geloof, de beginselen zijn er verslapt. Toen ik verleden jaar in Parijs was, ontmoette ik daar een hooggeplaatst geestelijke, die tot mijn verbazing betoogde, dat de Paus de scheidingswet maar accepteeren moest.