is toegevoegd aan uw favorieten.

Het Nieuwe Testament in zes Nederlandse vertalingen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voor u niet zwak, maar hij betoont zich sterk onder u.

4 Want hij werd gekruisigd uit zwakheid, maar hij leeft uit de kracht Gods. Want wij zijn wel zwak in hem; maar wij zullen met hem leven uit de kracht Gods, u tot getuigenis.

5 Uzelf moet gij op de proef stellen, of gij staat in het geloof; uzelf moet gij onderzoeken. Of erkent gij niet aan uzelf, dat Jezus Christus in u is ? Zoo niet, dan kunt gij de proef niet doorstaan!

6 Ik hoop, dat gij zult inzien, dat wij wel de proef doorstaan hebben.

7 Maar wij bidden tot God, dat gij geenerlei kwaad verricht; niet, opdat wij wel beproefd zouden blijken, maar opdat gij het goede moogt doen, ook al zou het van ons schijnen, dat wij de proef niet kunnen doorstaan.®öfc>~

8 Want wij vermogen niets tegen de waarheid, wel vóór de waarheid.

9 Want wij verheugen ons, wanneer wij wel zwak zijn, maar gij sterk zijt. Dat is het ook, waarom wij bidden, namelijk uwe terechtbrenging.

10 Om die reden schrijf ik dit in mijn afwezigheid, opdat ik bij mijn aanwezigheid niet scherp behoef op te treden, — overeenkomstig de volmacht, welke de Heer mij verleend heeft, om op te bouwen en niet af te breken.

Besluit: vermaning, groet, zegenbede.

11 Ten slotte, broeders, verheugt u; laat u terechtbrengen, laat u vermanen, weest eensgezind, betracht den vrede; en de God der liefde en des vredes zal met u zijn.

12 Groet elkander met den gewijden kus. U groeten al de geheiligden.

13 De genade van Jezus Christus, den Heer, en de liefde van God en de gemeenschap van den heiligen Geest zij met u allen.

DE BRIEF AAN DE GALATEN.

Inleiding.

Begroeting. 1 Paulus, apostel, niet op gezag van menschen noch door tusschenkomst van een mensch, maar van Jezus Christus en God, den Vader, die hem uit de dooden heeft opgewekt, —

2 en al de broeders, die zich bij mij bevinden, aan de gemeenten in Galatië,

3 genade zij u en vrede van God, onzen Vader, en van Jezus Christus, den Heer,

4 die zich om onze zonden heeft overgegeven, opdat hij ons zou bevrijden van de tegenwoordige booze eeuw, naar den wil van God, die ook ónze Vader is,

tegenover u niet zwak is, maar krachtig.

4 Want al werd Hij uit zwakheid gekruisigd, toch leeft Hij door Gods kracht. Zeker, ook wij zijn zwak met Hem, maar tegenover u zullen we leven met Hem door Gods kracht.

5 Onderzoekt uzelf, beproeft uzelf, of gij in het geloof zijt gebleven. Bespeurt gij niet bij uzelf, dat Jesus Christus in u is? Zo niet, dan doorstaat gij de proef niet.

6 In ieder geval hoop ik, dat gij zult inzien, dat wij de proef wèl doorstaan.

7 We bidden dan ook tot God, dat gij geen kwaad moogt doen; niet om zelf proefhoudend te schijnen, maar opdat gij van uw kant het goede zoudt doen, ook al zouden wijzelf de proef niet doorstaan.

8 Want we hebben geen macht tégen, maar wel vóór de waarheid;

9 en we verheugen ons, zo gij sterk zijt, al waren wij zelf ook zwak; ook voor één zaak bidden we: uw volmaaktheid.

10 En hierom schrijf ik dit alles, terwijl ik nog afwezig ben, om bij mijn komst geen strengheid te moeten gebruiken krachtens de volmacht, die de Heer mij gegeven heeft, om op te bouwen, en niet om af te breken.

11 Overigens broeders, weest blijde, verbetert u, laat u vermanen, weest eensgezind en vreedzaam; en de God van liefde en vrede zal met u zijn.

Paulus' groet en zegening. 12 Groet elkander met een heilige kus. U groeten al de heiligen.

13 De genade van den Heer Jesus Christus, de liefde van God, en de gemeenschap van den Heiligen Geest zij met u allen.

DE BRIEF AAN DE GALATEN.

Paulus' groet aan de kerk van Galatië.

1 Paulus, apostel, — niet op gezag van mensen noch door bemiddeling van een mens, maar door Jesus Christus en door God den Vader, die Hem uit de doden heeft opgewekt, —

2 met al de broeders, die bij me zijn: aan de kerken van Galdtië.

3 Genade en vrede zij u van God onzen Vader, en van den Heer Jesus Christus,

4 die Zich voor onze zonden, —■ om ons te ontrukken aan deze boze wereld, — heeft overgeleverd volgens de wil van onzen God en Vader;

uwen opzichte niet zwak, maar onder u krachtig is.

4 Welnu, Hij is gekruisigd uit zwakheid, maar Hij leeft uit de kracht Gods. Welnu, wij zijn zwak in Hem, maar wij zullen met Hem leven voor u uit de kracht Gods.

5 Stelt uzelf op de proef, of gij wel in het geloof zijt, onderzoekt uzelf. Of zijt gij niet zo zeker van uzelf, dat Jezus Christus in u is? Want anders zijt gij verwerpelijk.

6 Ik hoop echter, dat gij zult inzien, dat wij niet verwerpelijk zijn.

7 Ja, wij bidden God, dat gij generlei kwaad zult doen, niet opdat wij betrouwbaar mogen blijken, maar opdat gij het goede zoudt doen, al zijn wij dan ook verwerpelijk.

8 Want wij vermogen niets tegen de waarheid, maar wel voor de waarheid.

9 Want wij verblijden ons, als gij krachtig zijt, al zijn wij zwak; want dit wensen wij, dat het met u geheel in orde komt.

10 Hierom schrijf ik dit uit de verte, om bij mijn komst niet streng te moeten optreden naar de bevoegdheid, die de Here mij heeft gegeven om op te bouwen en niet om af te breken.

11 Overigens, broeders, weest blijde, laat u terecht brengen, laat u vermanen, weest eensgezind, houdt vrede, en de God der liefde en des vredes zal met u zijn.

12 Groet elkander met den heiligen kus. U groeten al de heiligen.

13 De genade des Heren Jezus Christus, en de liefde Gods, en de

gemeenschap des Heiligen Geestes zij met u allen.

DE BRIEF VAN PAULUS AAN DE GALATEN.

Schrijver. Lezers. Groet.

1 Paulus, een apostel, niet van- > wege mensen, noch door een mens, maar door Jezus Christus, en God den Vader, die Hem opgewekt heeft uit de doden,

2 en al de broeders, die bij mij zijn, aan de gemeenten van Galatië:

3 genade zij u en vrede van God, onzen Vader, en den Here Jezus Christus,

4 die zichzelf gegeven heeft voor onze zonden, om ons te trekken uit de tegenwoordige boze wereld, maar den wil van onzen God en Vader,