is toegevoegd aan uw favorieten.

De incarnatie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te vragen, maar om een antwoord te ontvangen, dat bevrijdende kracht bezit. Het gaat om openbaring en geloof, om ontzondiging en ascese, om ecstase en vergoding. Daartoe dienen allerlei middelen, en stoffelijke en geestelijke; vele middelaars, lagere en hoogere. Het is alles een proces van uitgang en wederkeer, van nederdaling en opheffing, met eindelooze gradaties en variaties. Hier is natuurlijk plaats voor vormen en voorstellingen, die als incarnaties kunnen worden beschouwd. Men leze er Plotinus slechts op na1).

Het gnosticisme is van deze strooming het kind, dat zich door de kerk wil laten adopteeren om zich met haar nieuw geestelijk bezit te verrijken. Het neemt allerlei vormen aan, min of meer radicaal en min of meer aan het Christendom vreemd of verwant. Maar wat het kenmerkt is altijd weer het voorbehoud van dualisme tusschen stof en geest, goed en kwaad, waarin ook de godheid is gemengd. De geheele opzet is meer cosmisch dan ethisch en minder religieus dan cosmisch. Men komt niet los van de tegenstelling, welke primair niet die is tusschen Schepper en schepping, wereld-Heer en wereld, maar tusschen de verschillende bestanddeelen van het wereld-geheel. Dit is even typisch Grieksch en Oostersch als het on-Israëlietisch en on-Christelijk is. Van daar de voorstelling van den demiurg, den wereldschepper, als van de hoogste godheid onderscheiden; van de aeonen of tusschenwezens, die gewoonlijk paarsgewijs, als Syzygieèn, den afstand tusschen hooger en lager bemiddelen. Hier heeft het motief der incarnatie gereedelijk ingang gevonden en juist tegenover de opvatting van de incarnatie zooals de gnostiek deze voordroeg, als die in Christus een van de vele uitdrukkingen heeft gevonden, is de Kerk zich van de hare duidelijk bewust geworden en heeft zich met deze, als met de incarnatie, scherp te weer gesteld.

VI. MODERNE VORMEN

Wij hebben hier veelszins te doen met „old friends , of met old foes with a new face ".Het is niet ten onrechte, dat de bewegingen, die wij bedoelen, zich altijd naar het Oosten en bij voorkeur naar het oude Oosten richten. Men denke aan theosophie en anthroposophie, aan astrologie en spiritisme, aan Christian Science en aan andere vormen van Occultisme, die gewoonlijk öf in de Angelsaksische

i) Vgl. W. J. Aalders, Mystiek, 19291 bl. 109 w.