Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ï$2 PROEVE VAN EEN

gen, boven anderen, deelgenooten worden van de ver» geeving der zonden, en het eeuwig leven, afhangt van hunnen vrijën wil, die zich tot de Genade, die, zonder onderfcheid, wordt aangeboden , keeren; maar niet u,ir :ic bijzondere gaave der barmhartigheid welke krachtdaadiglijk in hun uitwerkt, dat zij, boven anderen, zich die Genade toepasfen.

V. Wat zegt gij daar tegen ?

A. Dat het waameid zij, dat de Genade Gods in het Euangelie algemeen voorgeftelt worde,en dat de Euangelie Dienaars dezelve zonder onderfcheid moeten aanbieden, om dat zij niet allesweetend zijn, en de Uitverkorenen onder de Zondaaren gevonden worden; nogthans is het, en biijvt het eene waarheid, dat de mensch tot die genade piet komen zal, zonder Gods H Geest, welke den mensch daar toe bewerken moet, door zijne trekkende genade. Joan. 6: 44.

V. Hoe maaken zij het met de noodzaaklijkheid van Christus dood ?

A. Zij zeggen; dit Christus voor hun, welken God ten hoogde liev gehad, en ten eeuwigen leven uitverkoren heeft, niet heeft kunnen , noch behoeven te derven, nock (vpor hun) gedorven zij; vermids voor zulken dc dood van Christus niet noodig zijn zoude

V. Hoe is het met die dellirg gelegen?

A. Zij wederfpreekt de voldrekte noodzaaklijkheid der genoegdoening, die de Bijbel uitdruklijk leert Luc. 24:

26. Moest de Christus niet alle deze dingen lijden.

Hebr. 2: 10. Paulus redeneert anders. Gal. 2: 20. ( hristus heeft mij liev gehadt, en zich zeiven voor mij over gegeeven. Rom. 8: 33. Joan. 10: 15. 15: 12. 13.

DERDE en VIERDE ARTIKEL.

Van de Leer van het bederv des menfchen, jen zijne bekeer ing tot Gtd, en der zeiver wijze.

V. Hoe is het gelegen met 's menfchen bedorvenheid?

A. Van het begin was de mensch, naar het beeld (tods gefchapen, met de.waare, en zaligmaakende kennis van zijnen Schepper van geestlijke zaaken in zijn verdand,

iset

Sluiten