is toegevoegd aan uw favorieten.

Verhandeling over het getal des beestes. Openb. XIII: 18.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de VIER DIEREN. 415

gezegt werd , een osfen aangeficht, werd dat Cap.X: 14. verwisfeit voor het aangefichte eenes Cherubs. Het betekent ook zo men zegt, fterk of machtig, en werden daarom voor Engelen genomen, dewyl die gezegt werden te zyn krachtige belden, Pf. CIII: 20. Ook meent men dat het betekent zulk een beeldt dat uyt verfcheiden deelen van Dieren is t'faamgeftelt , onderfcheiden van Runderen, dat enkel beelden van Runderen waaren, 1 Reg. VII: 29. Men kan dat in 't breede vinden by Profesfor Andala (aj, en de Heer W. Goeree O). De vermaarde Rabbi Aben Ezra is van gevoelen, dat dit een algemeene naam is, zig uytftrekkende tot alle gedaanten of figuuren (c). Als dan Pf. XVIII: 11. gezegt werd, De HEERE voer op eenen Cherub, kan men dat met fommige neemen voor een Wagen; hier door verftaa ik een Wagen van Wolken, dewyl daar by gezegt werd, by vlooch op de vleugelen des wints, dat best by Wolken past, gelyk Pf. CIV: 3. Die van de wokken fynen wagen maeckt: die op de vleugelen des wints wandelt.

Volgens deze uytlegging heeft men het te neemen , naar de gelegenheid waar in dat woordt voorkomt: het kan zyn dat door het

ge"

fV) VerW. over de Openb. bladz. 402, 403. O) Joodfche Oudb. I. Deel, bladz. 433. Cc) Rep- der Hebr. II. Deel, bladz. tg.