Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VOORREDEN.

Denkbeelden noodwendig te zamen verbonden zyn, en men moet uit de toeftemmfngV welke ik aan zeekere Leer geef, of weiger^ kunnen begrypen , waarom ik deeze, of;geene, daad kan, of niet .kan , verrigten; waarom my zeeker gebruik,en genót, van de goederen deezer waereld, in gevolge de eeuwige wetten der wysheid, en goedheid, gegund, of geweigerd is. Ik moet bekennen, dat ik dé mogelykheid van dit verband niet begryp.

Maar misfehién kunnen de menfchen zulk een verband door Heilige wetten , en onderlinge overeenkomft, mogelyk maaken ; door eene ftilzwygendé, of opentlyk erkende, tóèftemelkander Regten geeven, die op Leerfiellihgen, en Begrippen, gegrond zyn? Al wéét'-'de ftaat der Natuur niets daarvan , kan mogelyk de zamenleving, een onderlinge overeenkomft, zulkeënë fehikking maaken, of gemaakt hebben? Het is immers waar, dat door onderlinge overeenkomft, èn toeftemming,zoo veele zaaken in dè menfchèlyke Natuur, en in Let Zamènftèl van hunne pligten, en regten , zyn veranderd, waarom zoude men -dan ook géene Regten , die men in den ftaat der Natuur niet vond, kunnen maaken?

Naar myn•-óórdeel, in geenen deele. Zoo min, als men döór de Cultuur eene Vrugt kan voortbrengen, in gevalle de Natuur het eerfte uitfpruitzel niét heeft verleend; zoo min de Kunft door oeffening, en gewoonte, eene wille-

Sluiten