Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IV.

BOES

Vit

■OODFST.

J. voor C,

106. J. van R,

55<5.

< j 1 c fa i n r v, k n k

4°6 romeinsch»

vulling van vijf duizend voetknechten , drie honderd ruiters en drieduizend bootsgezellen ter aanvulling hunner krijgsmagt toe, welken men door p. sülpicius enp. vil li us, die reeds als Confuls zelve in Macedonië den krijg gevoerd hadden , als Onderbevelhebbers voor ti tus liet overvoeren (i ).

De beide Confuls maakten zich gereed, om met vereenigde magt de Galliërs, aan ieze zijde der Alpen, te beflrijden, ten :inde zich volkomen van derzelver onlerwerping te verzekeren , wier ftil zitten n het voorige jaar bevreemding gebaard lad. Vooraf echter vorderden verfcheiene voorteekenen en godsdienstplegtigeden hunne befchikking te Rome, waara zij, op het voorftel van eenen Gemeensian , nog werden opgehouden door de ïgeling van vijf nieuwe volkplantingen, 'eiken het veelvuldig teruggekomen' ijgsvolk uit den Carthaagfchen oorlog oodzaaklijk fcheen te maaken. Voor el; volkplanting werden drie honderd huisszinnen verzonden, allen onder het geleide

CO Liv. L. XXXIf. c. a&.

Sluiten