Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

B L Y S P E L. 32

MERVAL.

Wel verpligt.'

DOLCY.

Befchouw het ter deeg.

MERVAL.

En gy durft 'er zo van fpreken , in het byzyn van mynheer?

DOLCY.

Mynheer kent het niet...

MERVAL.

Dat weet ik wel... maar zyne dochter?

D O L C Y.

ê! Dat is wat anders., mejuffrouw heeft my, onder het werken, met haren goeden raad geholpen.

MERVAL.

Stil dan...

DOLCY.

Ik heb 'er weer een onderhanden.

MERVAL.

Reeds?

DOLCY.

En zo gy my wilde raden...

MERVAL.

Zwyg ftil, wildzang, en laat my fpreken. (Tegen Delcar.) Myn vrind! gy ziet wel, dat het my onmogelyk is uwe dochter te trouwen.

DELCAR.

En waarom dat?

C 3 MER-

Sluiten