Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

l)ï SPIT S-R O E D E N. 23

aan de zeden en gewoonte van deeze dagen, en dergelyke zaaken meer : in 't kort; ik was, na dit alles, zwak genoeg, om den genomen ftap, zo al niet pryswaardig, ten minde vergeeflyk te vinden. Vergeeflyk onder dit beding egter; nooit moest zy my weder van den Hopman fpreeken; zyne Verzen moest ze hem te rug brengen, alle verdere van de hand wyzen , en hem onbewimpeld myn Misnoegen aankondigen.

Zy beloofde alles; Ja, 't geen nog meer is, niet weinig 'er van volvoerde zy beter dan ik gehoopt had. Althans, 'er verliepen wel acht dagen, en myn heer de Hopman liet zich niet zien. Een paar maaien bcfloot ik uit eene zagte beweeging van zyne venfter-gordynen, dat de eigenaar op den uitkyk ftond, maar het venfcer zelf opende hy niet; en toen hy, vervolgens, weder zigtbaar wierd, zag hy my zo befchroomd •aan, en in zyne groetenis was zulk eene fchaamte, dat ik, door zo groot eene onderwerping aan myne bevelen , indien al niet geheel bevreedigd, ten minfte bedaarder moest worden. — Minette was veel te oplettende, om zulks niet te bemerken; maar ook veel te loos. om zich zelve door een eenig woord te verraaden, Voor haar was de Hopman als of hy niet meer leefde; des te meer hoopte zy, dat hy voor my noi* 13 4 lee-

Sluiten