is toegevoegd aan uw favorieten.

Kerkelyk plakaat-boek.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

39V Supplement

eens alle weeke, ende voorts na het elke Kerke voor gebruik heeft, bezoeken; voornamelyk omtrent den tyd van het houden des Nachtmaals: ende zy zullen gei rouwelyk onderftaan , of zy haar opregtelyk dragen in handel ende wandel, in de pligten der Godtzaligheid, in de getrouwe onderwyzinge haarer huisgezinnen, in de Huisgebeden voor dezelve 'smorgens, ende des a^onts, ende van diergelyke dingen meer: zy zullen daar toe zagtelyk , ende nogtans ernftelyk vermanen , ende dat na voorvallende, gelegentheid ; zy zullenfe aanmanen tot ftantvaftigheid ofte verfterken tot lefizaamheid, ofte aanprikkelen tot ernftige vreeze Godts: die trooft ofte beftraffinge van doen hebben , zullen zy uertrooften ofte beftrafFen: ende, indien het de noodt vereyfcht, aan haare Meede-Ouderlingen, geftelt over de broederlyke beftraffinge, 'tzelve aanbrengen, ende neflens dezelve verbeteren dat te verbeteren is na het gewigte der begaane zenden: zy zullen ook niet vergeeten aan te porren elk in zyn Wyk, daife haare Kinderen zenden tot de Catechifaiie.

3'

Om dit in 't werk te fteikn zal noodig zyn dat men metten eerflen y^der Kerke afdeile in Wyken na de meenigte, ende gemak der Geloovigen : dat men over elke Wyk ftelle byzondere Ouderlingen , die alle weeke op zekere beftemde dagen in 't gemein in de Kerkenraat zullen bekent maken, hoe het in ieders Wyk toegaat, ende of de Ledematen hun wel dragen , ende de Ouderlingen moeten gedenken, datfe nier alleenlyk voor de Gemeynte, maar voor Godt zelfs rekenfehap zullen moeten geeven van de Zielen die haar toebetrouivt zyn.

4-

In de verdeilinge der Wyken zal men niet zoo zeer letten op bloetverwantfehap ofte fwagerfchap , ofte van onderlinge omgank; als wel op de wooninge ende nabuurfchap, tot gerief der Ouderlingen, ende van haare bedieninge.

5-

Aangaande het verkiezen ende beveiligen der Ouderlingen, dat zal gefchieden even gelyk het toegaat met de Predikanten, maar in haar onderzoek zal men niet zeer letten op dingen gehoorende eigentlyk iot den Dienft des Woorts : ende tot hunne beveftiginge heeft men ook niet van noode de tegenwoordigheid van buiten Predikanten.

6.

Maar men zal zeer bearbeiden, datfe mogen begaaft zyn met hoeda* nigheden, welke Paulus vereifcht; datfe zyn in baar leven onftraflV'yk, in Religie zuiver, in Godtzaligheid uitftekende, in beleit van geetteiyke voorzigtigheid, waar toe ook zeer dienuig is, datfe eenige kennifte hebben van borgerlyke zaaken ; ende voor al moeten zy heel afgezondert zyn van alle eergierigheid ende grootsheid, ja van alle quaat vermoeden van dusdanige gebreeken- j. De