Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den in geen gedwongen en onnatuurlyke geflalten vertoone.

Hy behoort op te merken , dat de opperarmbeenderen, zo wel als de dyebeenderen, de eerften tegen de fchouderbladeren, de anderen tegen de heupbeenderen , door een holle zamenvoeging aaneen liggen, en met dezelve verbonden zynde, volgens de laatite wyze , ook beweegingen naar alle zyden toelaaten ; maar dat het tegendeel plaats vindt in het ellebeen , dat met het opperarmbeen; en in het fcheenbeen, dat met het dyebeen, door een Charnier-gelid, volgens de eerlle wyze zamengevoegd is, dat, alleen eene buiging en uitftrekking , tot meerder vastigheid, toelaat; het zelve word ook bevonden in de vingeren en teenen , enz.

Welke nu de voordeden zyn , die wy , in het byzonder, uit het naarltig beoefenen der Beenderen kunnen trekken : dezelve zyn te menigvuldig dat

wy

Sluiten