is toegevoegd aan uw favorieten.

Avondtydkortingen van het kasteel of Zedelyke verhaalen ten dienste van de jeugd.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van itet kasteel. 233

ren affland zelf de bloemen en het gras verdorren, de bladen der boomen verfchroeïen en afvallen , de beekjes opdroogen , en de vogels, byna verflikt, van de gezengde takken op den grond neeritorten. Ter gelyker tyd vergaderde zig eene dikke wolk van witte heete asch , en ligte brandftoffen ; die zig naar om hoog verheffende, de lugt verduisterden, en zig famenpakkende, weder als een vuurregen nederftorteden, terwyl een hagelbui van fteenen, die met een ysfelyk geweld van den berg afrollende, de lugt door den weerklank der omliggende bergen met een verfchrikkelyk gedruis en gerommel vervulde, de planten en gewasfen vergruisde. Alphonfus en Thelismar verlieten zo dra mogelyk deeze veryaarlyke vlakte; en na eenen geruimen tyd op onbekende wegen omgezworven te hebben, kwamen zy eindelyk aan den oever der zee. Naar maate zy het ftrand naderden, wierden zy duidelyk gewaar, dat de golven gansch onftuimig en verbolgen waren, en welhaast zagen zy het akelig fchouwfpel van eenen volflagenen ftorm, offchoon de lugt zeer bedaard was. Zy befchouwden een wyl tyds met zo veel angst als verbaazing dit vreemd verfchynzel, dat hunne opmerking nog meer wekte, toen zy eensklaps uit het midden der kookende en bruifchendc golven groote vuurvlammen zagen opttygen, die op het oogenbli zig in de lugt verfpreidende , cn geheel voer het oog verdwynende, P 5 plaats