Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

e

I, VAN GOD.

S i. "TVn Schepper van Hemel en Aarde met \J al wat daarin is noemen wy GOD! Jef. 45: 12 en 18. § 2. Deze God is zo hoog boven ons menfchen verheeven, dat wy Hem nooit volkomen kunnen leeren kennen! Echter kunnen wy uit Gods openbaaring in de Natuur en in den Bybel zo veel van God leeren, als ons nodig is te weeten om God te kunnen dienen en eeuwig gelukkig te worden. «—• 1 Tim. 6: 16. God bewoond een ontoegankelyk Licht —. den welken geen mensch gezien heevt nog zien kan. — d. i. met ons verftand Hem erkennen! — Pf. 145: 3.

* 4 *

Uwe Almacht Heer der Heeren, bracht alles

voort wat is; En alles blyft U eeren, voor zyn behoudenis. — U hoor ik in de ftormen, terwyl ik. Uin daauw In walvisch en in wormen , en in elk kruidje

aanfchouw.

Elk beekje dat wy hoor en, daar 't langs zyn

oevers glyd; Jluiscbt my verrukt in d' oor en, dat Gy zyn Schepper zyt. —

Düitsche Merkuur.

Wy leeren hieruit dat wy in V onderzoek ever God en Goddelyke dingen ons verftand op eene zedige wyze moeten bepaalen, zonder te willen doorgronden het geen te boog voor

ons

Sluiten