is toegevoegd aan uw favorieten.

Biographisch woordenboek der Nederlanden [...]. Eerste(-achtste) deel.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

406

ouderdom van 70 jaren. De Historieschrijver Hooft maalt 's mans karakter met deze woorden: ,, hij was een man van ,, kloek vernuft, hooghe geleertheit, doortrapt met lange er,, vaarenis, deftigh van wandel. De blijken, gegeven van ,, vastgaande trouw voor de Roomse Kerk en zijnen Koning, ,, hadden hem vrijmoedig genoegh gemaakt, om te spreken ,, tot matigheit, beide in zaken van Staat en van Godsdienst, ,, en zo veel gegolden, dat men 't hem te goede hieldt, meer ,, niet. Van parthije te wisselen, om onbenoeghen over 't ,, verwerpen zijns raads, docht hem te groot een verwaant,, heit, oft hachlijk en ongeraden voor enen, die zo wel als ,, hij te hove stond, en veellicht bij d'andre geen' minder ,, ongeregheltheit in zwank oft te gemoete zagh." Dus verre de Drossaard Hooft. Hij hadt gelijk wij niet onduidelijk hier voor gezien hebben, altoos de strenge middelen afgeraden, welke men gebruikte, om de Nederlanden t'onder te brengen, was anders den dienst des Konings en den Roomsen Godsdienst met lijf en ziel toegedaan. Daarenboven misprees hij ten sterksten de manier, welke onder Filips den II, wierdt ingevoerd, om de Nederlanden namelijk, door vreemdelingen te doen bestieren, die noch de taal, noch de wetten der provintien kenden, en dezelve op zijn Spaans wilden regeren.

Alvorens Viglius zig ten enenmalen aan het geestelijke leven verbonden hadt, was hij gehuwd geweest aan Jakoba d'Amant, doch deze vrouw kinderloos overleden zijnde, wierdt hij op den 18 januarij 1556 Coadjutor van Lucas Munnich, Abt van St. Bavo, dien hij vervolgens ook in die waardigheid opvolgde. Zijne gewone spreuk op zijn naam zinspelende, was: vita mortalium vigilia: ,, Het leben der sterbelingen is eene nagtwaake." Zodanig men ook op alle de penningen die ter zijner gedagtenis zijn gemunt, geplaatst vindt, en bij G. van Loon, Ned. Historiep. I. D. bl. 42, 43, 44. 55 en 56. zijn afgebeeld en beschreven. Schoon hij een ervaren Regtsgeleerde was, plagt hij, egter, veel in den mond te hebben dit zeggen; Ben groot jurist een boos Christ. Door de aanzienlijke ambten, welke hij, gedurende zijn leven lang bekleedde, hadt

hij

AYTA van ZUICHEM. (VIGLIUS ab)