is toegevoegd aan je favorieten.

De bybel verdeedigd.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

428 Verdeediging van de

uit den weg ruimen. Als men Exod. XV.

22. 23. met Num. XXXIII. 8. vergelykt, ziet men, dat in de eerfte plaats de woeftyn Sur genoemd word , daar in de laatfte Etham voorkomt, doch niemand zal zich hier zwarigheid maken, die overweegt , dat dezelfde woeftyn beide naamen kan gedragen hebben, of dat de woeftyn Etham een gedeelte der groote woeftyn Sur kan geweest zyn. En wanneer wy de Israëliten Exod. XIII. 20. reeds te Etham ontmoeten voor hunnen doortogt door de roode Zee , en nogthans naderhand leezen Num. XXXIII. 8. dat zy door de Zee gegaan zynde, weder in de woeftyne Etham zich bevonden, behoeft men echter aan geene tegenftrydigheid te denken, want in de eerfte plaats fchynt Etham de naam van eene ftad te wezen, alzo er bygevoegd word, aan het einde der woeftyn, die dus te onderfcheiden is van de woeftyn Etham, aan

de overzyde der roode Zee (*). Dus doen

zich ook zwarigheden voor omtrent Kades-Barnea, van waar de verfpieders gezonden werden Jof. XIV. 7. daar Num. XIII. 3. de woeftyn Paran genoemd word: dan wederom vind men een Kades in de woeftyne Zin Num. XXI. 1. XXXIII. 36" Doch indien men de woeftyn Paran oordeelt te zyn een gedeelte van de woeftyn Kades-Barnea, en als men Kades, eene ftad genoemd Num. XX. 16. van de woeftyn onderfcheid, dan laat zich alles ontwikkelen (f). Zo

ie-

(*) Zie Bachiene //. Deel. Bladz. 290. 298. - (t) Bachiene 1. c. Bladz. 327. Schutte Akad. der Gel. I. Deel. I. Stuk. Bladz. lor. De Heer Venema Hifi.Ecclef. Tom. I. pag. 217. oordeelt echter, dat Kadefch Num. XIII. 26. en Kadefch Num. XX. i. als ook Kadefch-Barnea en Kades de ftad Num. XX. 16. niet behoeven onderfcheiden