Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1

der Natuur, VII. Ondèrh. 19

boeren in Engeland byna alle een fluks lands behouden ; 't welk , gelyk in Vlaanderen en in verfcheiden gewesten van Duitschland, de landlieden welgefteld, en yveriger in hun werk maakt dan de onze, die fchier allen, niets hebbende , onverfchilliger voor alles zyn.' Eindelyk heelt men in Engeland dienftig geoordeeld, in elk dorp een gedeelte van de inkomften van het zelve te doen dienen tot onderhoud der perfooncn, die geenen eigendom hebben. Zoo dat men van de verponding, die elk dorp moet opbrengen , zoo veel rteemt als het noodig is, om de armen der plaats te doen arbeiden. Maar byaldien men in Vrankryk de beste Kerkelyke goede^ ren gaf aan de Heeren die het Hof volgen, zouden de landfchappen noodwendig vergaan; en, in plaats van duizend armen, zoude men 'er tien duizend zien. De Edelen en de Burgers bezitten in Vrankryk fchier alle landeryen in eigendom. De boeren hebben eerst begonnen landeryen in eigendom te moogen bezitten, onder de regeering van St. Louis. Het is onder de regeering van de Kinderen van Philippus den B 2 Schoe-

De ver- . nietigin»

der bedelarve.

Sluiten