Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van eenige Byzonderh. tot de Nat. Hift. bet, 237

ver van Vilenour te leiden , was 'er een, en wel de kleinfte van allen, wien een fchoenmaaker duizend fcheldwoorden gaf $ zoo menigmaal alshy deszelven winkel voorby ging 5 het Dier, niet weetende hoe zich van dien mensch te wreeken, die onder befchutting van zyn huis was, vulde op zekeren dag zynen fnuit met water, en fpoot den fchoenmaaker in 't voorbygaan de huid vol.

Het gewoon voedfel der Oliphanten is gekookte ryst met gefmolten boter gemengd, welke men monteque noemt; boven alles houdt hy veel van de bladeren des Bananie booms (a), en een foort van lies. die a»n de kanten der vyvers wast.! Over de grootheid van het Dier (b) kan men oordeelen uit de verbaazende menigte van levensmiddelen , die het verteert, (c) Wanneer hy bladen van boomen eec, draagt hy zorg om ze wel om te fchudden , op dat 'er geen zand, noch ongedierte in blyve.

Ik zal deeze Aanteekeningen over den Oliphant met een trek van zyn oordeel beflui-,

tent

Ca) Indiefche Vygeriboom.

(b) Ik heb 'er gezien , die vyftien voeten hoog, en naar evenredigheid dik waren.

(c) Juist valt my nu in handen het bericht van den Oliphant, die onlangs te Casfel geftorvén is: Zyn voeder beftond dagelyks in 64 pond brood, 2 fchepels geele wortelen, en tot een Nadefert 2 Rations hooi'. Zyn iieffte drank was Pontak, waar van hy nog weinige minuten voor zynen dood eene groote fles gedronken haJf. De koften van onderhoud beliepen Jaarlyks, buiten her loon des Oppasfers, 600 Ryksdaalders, Waarlyk een duure Gast zonder nut,

Vebtaaler.

Schtan. lerheid lan een )liphant.

Sluiten