Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(21 )

nomenheden, cn uwe gebruiken; maar beichouw ze met het oog der onpartydigheid, en gy zult 'er eene menschlievendheid jegens den Burger, ja, zelf jegens den vyand, in befpeuren, welke de andere Volken, in deeze vroegere tyden,niet kenden , en de hedendaagfche Volken niet altoos hebben naagevolgd.

§. i

Zagtheid der Joodfche Krygswetten jegens den Burger.

Door deeze Wetten, gelyk door die van alle toenmaalige Volken, was ieder Burger, bekwaam om de wapens te voeren, Soldaat. Maar de Joodfche Wet, met zo veel toegeevendheid als billykheïd, der verknogtheid der Burgers aan voorwerpen, eigenaartig dierbaar aan alle menfchen , iets infchikkende, beval, dat wanneer de Legerbenden waren byéén veizameld, deKrygshoofden zouden verklaaren, dat al wie een huis gebouwd, en het niet bewoond hadt, of een wyngaard geplant, en de vrugt van denzelven niet hadt ingezameld, of eene vrouw getrouwd, en niet met haar gewoond hadt, vryheid hadt om na huis te keeren, en voor dit jaar van den Krygsdienst ontJlagen was (*).

Ook vergunde zy aan alle die geenen, die in

hun

(*) Deut. XX. De Authtur,

B 3

Sluiten