Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

meêr als het Ieeven behouden ; en al had ik het myne 'er by moeten infchieten, ik zoude van de Markgravin niet zyn afgefcheiden , zonder de verzekering van een eeuwige vyandfchap. Ik zal nu ten minftén de vrolykfte onzer Bollen aan onze wellustige Maatfchappy wedergeven, voor dewelke gy verlooren zoudt zyn geweest, byaldien gy u aan de huwelykstlrik had verhangen. Onze Priederinnen en hunne Offeraars, fchreeuwen dagelyksch met luider keele, om uwe terugkomst; dus neemd ubefluit, ik geev u flegts nog veertien dagen tyd, om uwe Re^dlnne tot een Ctandejlin-Huwetyk te bewegen, 't welk gy, om elkander wel te verffaan , nimmer zult volvoeren, waarna ik u zegepralende in onzen Kring begeer weder te brengen; daar men niet denkt, weinig gevoeld, maar daar men gedadig lacht én ginnegapt, al was het maar om een goede vertooning te maken, en te doen geloven , dat men zig vermaakt. Ten minden zal ik veel genoegen fmaken van u te onderhouden , over alle de dwaze denkbeelden welke uwe omdandigheden my inboezemen; dan ik bezwyk van de vaak. . . . Verwagt my op morgen , ik zal ze u mededeelen met al de rest. ,

Ik

Sluiten