Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

CAROLINA. 29

en hij geleidde haar naar eene kleine fopha, op welke hij naast haar ging zitten.

Nimmer hadden de welluidende toonen van de keurigfte muziek het gehoor van henry zo verrukkend geftreeld, als deeze woorden van zijnen oom. Lord walton was de eerfte van zijne familie, welke ecnige achting voor zijne vrouw betoonde; hij hield zich ten vollen verzekerd, dat niemand haar kon zien en kennen, zonder haar te bewonderen en te beminnen, en hij was verrukt van het denkbeeld, dat zijne lieve carolïna de gunftelinge van zijnen oom zou worden. Hier bij kwam nog een ander denkbeeld,- Vwelk zijn genoegen vermeerderde; zijn oom zou van zijne carolïna fpreeken, zo als zij verdiende, alles zou van haaren lof weergalmen, tot zelfs . het kasteel van ashford. Noch het ongenoegen van zijnen vader, noch de bittere woede van zijnen broeder, zoude in ftaat zijn om Lord walton te beletten, om zijne gedachten vrij uit te zeggen. Deeze vleijende denkbeelden overmeesterden zijnen geest geheel en al, en verbanden uit denzelvèn alle gedachten, welke daar van vervreemd waren. Hij was eenige minuuten lang als

in

Sluiten