Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

»4° DE PROFEET JES A IA.

door Uwe hulp noemen wij thans Uwennaam.] Dood zijn zij! zij herleven nimmer weer! fchim- 14 men zijn zij!, en zullen niet wederkomen.'want gijjloat het oog op hun, verdelgt hen, en laat geen aandenken van hun over. j Maar het volk, het volk hebt gij, Jehova, het volk hebt gij nieuwe gefchenken gegeven: het prachtige, het veraf gelegene , alle uiterjie grenzen des lands. I Jehova, in den nood ziet men naar 16 U om, en uwe tuchtigingen zijn een behoedmiddel voor het kwaad, j Gelijk een zwangere, 17 wier baarenstijd aannadert, en die in haare fmerten ziddert en fchreeuwt, zijn wij voorU,

gen, van jfntiochus Epiphanes af, tot op den tiid dat het Joodfche volk geheel vrij wierdt.

noemen wij uwen naam] Eerbiedigen wij Uondienst e" heb5en devrijü oefeilinS vandenGods-

vs. 16. uwe tuchtigingen zijn een hehoedmid. del voor het kwaad] Letterlijk: een bewaarmiddel tegen tovertj. Een beeld, van een gewooi volksdenkbeeld ontleend. De Oosterlingen , inzonderheid de Arabieren , hebben zeer veel vrees voor toverij; ook geloven zij, dat, zo het iemand tevoorfpoed.g gaat, de Njd (of, gelijk zij het noemen, net booze oog) eene toverkragt zou hebben, om al het geluk te verwoesten; daar tegen zouden echter lmaadredenen, en ook wel fommige ongevallen die Ce Gebeid genadig zoude aanzien, eene tegenwerkende, kragt hebben, en eene bewaaring tegen de tovenj van het booze oog zijn. Na wegneming van fiet beeld is de meening: „ Uwe tuchtigingen zijn wS"' e" e£nC bewari"gvoorSrooterongelukse-

Sluiten