Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

' C A P, III.- 25

;ren, treurgewaad aan te doen, en om Abner •rouwe te dragen.. Men begroef hem .te He- 32 bron, de Koning.'ging zelf achter de bare, en weende overluid bij het graf van Abner, en het volk weende met hem. Ookbezong 33 de-Koning Abner in een lijkgedicht:

Valt Abner, zoo als de misdaadigersvallen?

Uwe handen hebben nooit ketenen gedragen, 34

Uwe voeten zijn nooit in kluisters gekneld.

Zoo als men voorfnoode deugnieten valt, zijt gij gevallen.

Toen weende het volk nog heviger. Het 35 v , gant-

vs. 32. De bare.] Letterlijk: het bed. De Hebreen droegen toen de lijken, op ccne opene bare of -bed , ten grave, • 1'

vs. 33- Valt Slbner, zoo als de misdaadigers ,valletif\ d. i. heeft hij den dood verdiend? heeft hij een' moord begaan ? valt hij volgends het recht der bloedwraak? ,<t,

vs. 34. Uwe handen enz."] Gij zijt niet, als iemand, die na gerechtelijk-onderzoek fchuidig bevonden is, óan den bloedwreker, aan handen en voeten gekluisterd, o\ ergele verd.

vs. 35. De ' treurrpaaüijd te gevend Letterlijk: hem brood te doen eten. Doch dit zou in onze taal verkeerd verftaan zijn. Bij de Israëliten was een treur! maal gewoon, niet een zoo als bij ons, daar de rouwdragende de gasten onthaalt, maar die 'anderen aanrechtten , in het huis van den rouwdragenden bragton, hem den zoogenoemden troostheker aanboden, en hem zochten op të beuren. Zie Jerem'. XVI: 7. en 5 B. MoJ XXVI: 14 David wordt hier van het overigë .volk als rouwdragende behandeld, want Abner was niet 'alleen zijn gast geweest, maar bok'zijn nabcflaande, uit hoofde van Michal, oo,k was hij als rouwdragende 'Ü^ gevolgd. Zij rechten dus voor hem .den treur, maaltijd aan ; maar hij wil niet eten.

3 5

Sluiten