is toegevoegd aan uw favorieten.

De algemeene en byzondere natuurlyke historie, met de beschryving van des konings kabinet.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE NATUURLYKE HISTORIE

verblyf te neemen zonder de warmte der aarde en het genot van het zonnelicht te verliezen.

De groote dikte van de groeibaare aarde, die op de kruinen der heuvelen gevonden wordt, toont de nieuwe formatie van de geheele flreek* zy is inderdaad zo nieuwlings geformeerd, dat men op eene der heuvelen, Gabrielle genaamd, een klein meir vindt met kaymans- krokodillen bevolkt, welken de zee daar gelaaten heeftop vyf of zes mylen afftands, en op zes of zeven honderd voeten hoogte boven haar waterpas: nergens vindt men kalkaartigen fteen, want men brengt uit Frankryk de kalk die men noodig heeft om te Cayenne te bouwen: het geen men pierre ravets noemt is niet een fteen, maar eene lava van een vuurberg, met gaten doorboord, gelyk de overblyfzels van eene fmiffe: deze lava vertoont zig in eenige bergen , in verfpreide blokken of onregelmaatige hoopen ; en men ziet in die bergen demonden der oude volkans, die tegenwoordig uitgeblufcht zyn, omdat de zee geweeken, en van den voet dezer bergen verwyderd is_: alles loopt derhalven zamen om te bewyzen dat het niet lang geleden is, dat de wateren deze heuvels verlaaten hebben , en nog minder tyds , dat zy de vlakten en laage landen hebben bloot gelaaten, want dezen zyn byna geheel geformeerd uit de bezinkzelen der ftroomende wateren. De rivieren, de beeken, zyn zo digt by malkanderen, en tevens zo breed, zo gezwollen, zo fnel ftroomende in het regenfaizoen, dat zy onophoudelyk eene oneindige hoeveelheid flib medevoeren, het welk zig op de laage landen en op den grond der zee als modder-aarde nederlegt (29): dus zal deze nieuwe aarde van eeuw tot eeuw aanwinnen zo lang dezelve niet bevolkt zal zyn,"want men moet voor niets rekenen het klein getal van menfchen dat men daar ontmoet ■ zy zyn nog, zowel ten opzichte van het zedelyke als van het lichaamlyke' in den ftaat der zuivere Natuur; zy hebben noch kleeding, noch godsdienft' noch maatfehappy, dan onder eenige gezinnen op groote afffcan den van malkanderen verfpreid, miffchien ten getale van drie of vierhonderd groote lootfen of carbets, op een grond die viermaal meer uitgeftrektheid heeft dan die van Frankryk.

Deze menfchen, gelyk ook de grond dien zy bewoonen, fchynen de nieuwfte van 't heelal te zyn; zy zyn daar gekomen van meer verheven gronden, en in laatere tyden dan die, waarin het menfchlyke geflacht in de hooge landen van Mexiko, van Peru en van Chili geveftigd is; want onderftellende dat de eerfte menfchen in Afia geweeft zyn, zo zullen dezen langs denzelfden weg als de olyfanten zyn voortgetrokken, en zullen zig in de landen van Noordelyk Amerika en van Mexiko verfpreid hebben; vervolgens zullen zy ligtlyk de hooge landen aan de andere zyde van de'landengte hebben overgetrokken, en zullen zig in die van Peru geveftigd hebben ; en eindelyk zullen zy doorgedrongen zyn in de verft afliggende ftree-

(29) Zie de Nooten hier achter.