Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

X *9 X

Art.

533 Welke in de vorige folutie op het niet nemen van het verly gelegen

was;

534 Dewyl dit alles, by den anderen genomen, wederom nergens anderi toe door den Impetrant word geallegeert, dan om te doen zien,

535 Dat de Heeren van Lekkerkerk en Zuidbroek,nu byna eene halve Eeuw, zig met Ridderkerk niet hebben opgehoüden;

536 En daar toe meent de Impetrant, dat in het byzondér relevant is,

537 Zoo het niet vragen van den canon, en dat die juist Jaarlyksch verviel,

538 Als het ftilzitten van de Heeren van Lèkkerkerk in het niet contenderen tot verval van de Heerlykheid Ridderkerk,

539 Onaangezien de Impetrant en zyne Praedecesfeüren geene plichten van vafallage kwamen uitöeffenen ;

540 Naardien dit een en ander zeker met geene mogelykheid aan iets anders kan worden toegefchreven>

541 Dan aan eene volkomene overtuiging van Die van Lekkerkerk,

542 CVooral, daar men wist, en uit de papieren zien konde,

543 Dat Ridderkerk een Agterleen was geweest van de jletrlykheid van de

£<&t,

544 En wel een Agterleen van dien aart,

545 Het welk mogelyk de meeste voordeden van alle, aan zyn Hoofdleen

en zelfs een Jaarïykfche revenue opbragt;)

546 Dat men op Ridderkerk als Agterleen geen recht hoe genaamd had;

547 Zoo dat het niet uit onkunde, noch uit een bloot verzuim, maar wetens en met opzet was,

548 Dat men niet naar Ridderkerk omzag;

549 En het is dus hier wederom, dat hy zeggen kan,

550 Dat dc Gedaagde, in alle die zyne folntien des Impetrants ralfonné-

mênt, in een verkeerd oogpunt plaatst,

551 En zelfs zich geene moeite gegeven heeft,

552 Om het zoo weg te nemen , ais de Impetrant het heeft doen werken.

553 Het is waar, dat men in dier voegen niet te werk gegaan Is met eené

andere reflexie, te weten,

554 Dat de Heeren van Lekkerkerk en Zuidbroek gedoogt hebben,

H 555 Dat

Sluiten