Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

INLEIDING. xxm

derheden voor, welke, in de boeken van samuel en der koningen, zijn voorbygegaen, en niet weinig toebrengen, tot nader verftand van andere Bijbelplaetfen; voor het overige worden de Gefchiedenisfen, in de boeken van samuel en de koningen vervat, door deze verhalen, nader bekrachtigd, naedien een dubbeld getuigenis der waerheid dezelve des te zekerer maekt.

VII. De Tijdrekening.

De tijdrekening dezer Boeken is ongemeen moeilyk. Maer de zwarigheden, dit ftuk betreffende , zijn reeds met opzet behandeld , in het vertoog van mijnen oordeelkundigen Vriend , j. c. mohr, geplaetst voor het voorige VII. Deel. •

Dan vermids wy, in deze Boeken, op nieuw een bericht ontmoeten der gefchiedenisfen van de Schepping der waereld, tot op de wederkeering der Joden uit Babels gevangenis, heeft mijn gemelde Vriend my een tijdrekenkundige lijst aengeboden, van dit ruime tijdvak, uitgewerkt en beknoptelyk voorgedragen, volgens de gronden, welke zijn Ed., in het gemelde vertoog, gelegd heeft.

VIII. DEEL. [B 4]

Sluiten