Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

350 LANDREIS

goede waarnemingen deed, altoos naauwkeurig beKtende' iue.ee! weg wij da-elijks afleidden, en de «Hte'iden va-i dï eene plaats tot de andere, kan er m de berekende breedte van ?2 graden flechts eene verging zijn van twintig engelfcbe mijlen op zrjn hoogst: O.n evenwel alle formaliteiten in acht te nemen, rjgtte ik, na met de Indianen geraad. pleegt te hebben, een gedenkteken op, en nam ten behoeve V3a da Maatfchappij der Ekfe baü be»t van de kust. Toen ik deze plechtigheid verricht had, nam ik de terug reize aan, en wij marcheerden omtrent twaalf mijlen zuid ten oosten,- wij hielden toen halte om een weinig te flapen; ik had ledert den 15 geen oog toegedaan, en het was nu zes uren 's morgens van den 18. D- Induinen fchoten hier een muskus-rund; doch het nrosch doornat zijnde, konden wij geen vuur maken; zoo dit w.j genoodzaakt waren het vleesch daar van rauw te eten, dat, tot ons ongeluk, van een oud heest, zijn Je,, ongemeen taai was.

Alvorens verder mijne- terug reis te befehrijven, zal het> met ondienstig zijn een verflag te geven van de rivier en de daar aan grenzende landen, derzelver voordbrengzels ,- en de dieren welke deze yenchnkkeiijice ftreeken bewonen, ook die, welke m den zomer daar heen trekken om ongeftoord te broeden, en hunne jongen optebrengen. Om zulks geregeld te verrigten, zal het best zijn naar de plaats terug te keeren, waar ik het eerst aan deze rivier kwam, welke omtrent veertig"mijlen van dezee was afgelegen.

Behalven de wanfehapen pijn- of fpar-boomen, van welken ik reeds gefproken heb, vind men eenige

klce-

Sluiten