Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vaait op

de Pei-ho, Dea elfden van Oogstmaand.1793-

340 BRITSCH GEZANTSCHAP

eenen toeleg, hemelsbreed verfchillende van dien, welken hij in zijne uitnoodiging te kennen had gegeeven. Zeker is het, dat de Lama sumhur, broeder van tesjoe, door de tijding van zijnen dood zoo ontfteld wierd , dat hij van Lasfa de vlugt nam, een aanzienlijk gedeelte van 's lands fchat medevoerende. Deeze laatfïe omftandigheid verfchafte hem , waarfchijnlijk, de befcherming van den R.ajah van Napaul. — Ten einde zich nog te meer in de vriendfchap en gunst van deezen rajah te bevestigen, gaf hij hem eene befchrijving van de goud- en zilvermijnen in den omtrek van Lasfa. Insgelijks verhaalde hij hem in vertrouwen,dat 'erin poe-ta-la, eenen grooten tempel, nabij die hoofdftad gelegen, onmeetlijke fchatten verborgen waren. —- De rajah , door het lokaas van een rijken buit verleid , zond eene krijgsmagt naar den kant van Lasfa , die , na eenen togt van omtrent twintig dagen > het heir van Thibet, famengetrokken om hem tegenftand te bieden, ontmoette. Verfcheiden gevechten werden 'er tusfchen de wederzijdfche legermagten gehouden. De overwinning verklaarde zich fteeds ten voordeele des rajah van Napaul. Eindelijk

werd

/

Sluiten