is toegevoegd aan uw favorieten.

Dichtmaetige redenvoering. Over de plichten der weezen, en hunne bestuurderen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

€6 DICHT MAETIGE

Mijn Leyden, al mijn lust, mijn wieg, mijn bakermat, Eer moog mijn Rechterhand, mijn ziel zich zelfs vergeetcn^

Eer voel geen Mensch de zugt tot zijn geboorte Stad, Eerkenn'menschlievendhcid,geen plichten van tgeweeten,

Eer vlicdc alles, wat befchaafdheid heet, van de Aard,

EtR dat uw PaLLAS niet in WljSHEID blijv' VERMAARD.

Dat eer de Noordzee in haar deining rugwaards keer! Eer moete cnEbbc en Vloed niet kent'rcn aan heur Stranden',

Dat 'Maas en Zuiderzee, veel eer in vuur verteer! En Vecht en Eeme wijk van zeven vrije Landen !

Dat Maaze cn Nehkef, cn den Doiuntw niet meer zijn ï

Eer dat mijn Leyden niet zal bloeijf.n aan den RmjN !

Eer gfaaz.' den Walvisch naast de Melkkoe in het Veld! Eer brooue een Vinkje in Zes; de Visfchen op den droegen ?

Eer werde een Bicnkorf in d'Oceaan gefield; Een Vlinder öadderwiek', bij Aad'iaars in den hoogen!

Eer zoog een wollig Ooi hetir Lam in 't ZeecoraaH

Elr dat mijn Leyden niet in luister zegepraal!

Eer draage een Pcrfikboom, een bitt'ren Coloquint! Eer groene een Distclftrnik met malfche Klaverblaaden!

Eer rieke 't Bakkruit, als een Rooze of Hijacinth! Eer zij een Kqorcnhalm met Maankopzaad belaaden!

Eer KarneRhijnlandsMaagd, uit Doornenflruiken Room!

Eer in haarIIoofdstad niet het heil derL andsou wkoom!

Geen