is toegevoegd aan uw favorieten.

Het land, in brieven.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET LAND

acht is van elk, als hetvijk en fchoon is, voor u. Gij ziit bij de wereld onbekend, en daarom onaan, gezogt, en met u zeiven vergenoegd; gij weet uwen ruimen tijd en uwe gelukkige vrijheidwél te gebruiken. Uw lot is benijdenswaerdig. Hoe gaarne was ik eens bij u; doch daar ik mijn lieve moeder zoo weinig als mogelijk is, het vermaak dat zij een dochter heeft, verzwakken wil, ftel ik het tot den zomer uit. Hoe klaar verbeeld ik mij u, met een ernftigen rimpel in 'thooge voorhooft, met eenen deftigen gang, als een peizende filozofe door het befneeuwde bosch wandelende! Maar waar gij dan uwe levendige gelaatstrekken verbergt, begrijp ik niet: wantzoö ken ik u nog maar, en met een dagelijkfche fijzionomij filozofeert het immers niet goed, doet het wel, Emilia? Maar hoe veel onnoodige be' bekommeringen voor iemand, die zig zelf zoo redden kan. Nu ik flap er vanaf. Doe mij maar ■meer natuurbefchrijvingen, die door uwe pen geteekend, (want gij doet er wel niets af, denk ik,) dubbel fchoon zijn. Nu, mijn beste vriendin, laat mijn vrolijke luim u niet misvallen, en geloof zeker, dat gij de ware vereerder van uwe verdienden vindt, in uwe opregte

EUFROZYNE,

V

XIH,