Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

III. BOEK.

5

en iet zoo geheel natuurlijks vertoonden; vooral de twee kokos-boomen , die aan den oever der kreek, en op eenen anderen hoek van den grond, in hunne rijzende fchoonheid, als door het gelukkig geval geplant fcheenen, deeden eene zeer aangenaame werking op mijn hart; tot dat een klein toeval die werking verflaauwde, en eene wending aan het geheele tooneel gaf.

Men had mijne goederen ontlaaden , en op den oever nedergezet; nu dacht ik dezelven te plaatfen in de hutten , die ik bij mijn eerfte bezoek meende gezien te hebben , en ik rekende tevens, om in dezelven te overnachten : maar,. hoe geheel vreemd zag ik op , hoe floeg al mijn moed ter neder, toen ik die hutten nu, bij eene nadere befchouwing, geheel onbruikbaar vond! de planken , waaruit derzelver muuren beftonden, waren verteerd ; het dak was ingeftort ; de gebinten gebroken ; met dén woord, ik vond niet dan ruïne , daar ik een wezendlijke fchuilplaats verwacht had : waarfchijnelijk had de ftorm, die korts te vooren grootere verwoestingen, dan ik hier vond, gedreigd, en elders gewerkt had, deeze reeds lang bouvallige wooning ter neder geworpen, en welligt tot mijn voordeel, eer haar val mij befchadigen kon; doch voor tegenwoordig kon dit teleurftellend tooneel niet dan eene fombere uitwerking hebben , daar het de woeste ruwheid van eeneneenzaamen oord, A 3 die,

Sluiten