Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MENGELSTOFFEN. 29

Ze erkenne in alles God, in alles, alles Liefde: En, diep verwondering, zijg' ze, in aanbidding, neer! Terwijl, Uw menfchenmin, die jesus borst doorgriefde, Mij ftaaren doet op 't Kruis, alleen mijn roem, mijne eer!

Hier zie'kuw Liefdetelg, voor mijn Verlosfing, hangen: Den Eerstgeboornen van den Hemel aan het hout, Aan 't vloekhout vastgehegt voor 'sdoemelingsbelangen! En, dit is, 't geen mijn oog aanfchouwt!

Een heiige rilling grijpt mij aan! Ik hoor der Englen vreugde en 's Vaders welbehaageil, [Ontzachlijk, heilig God!] met aller fchuld belaên, Als een verlaatne, klaagen!

Hoe moet hier 't moederhart, Het teder moederhart van tl, Maria! bloeden! Hoe wordt dat hart gefchokt van grievend wee en fmart, Door zijner moordren woeden! >

Het klamme doodzweet overdekt, Bij 't woest getier der fnoodfle uitfpoorigheden, De wreedgefolterde en uitëengerekte leden, Met fijplcnd bloed bevlekt!

De

Sluiten