Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ifEN TWEEDEN MAAI» ERKEND. 5*9

Éne toegeeflijkheden , het verfoeilijke der-XXXII.

lve in de oogen van een vlekloos hedig God, DEsE. i oore mij dan aan, om fteeds op mijne hoede J wezen, om bedachtzaam en biddende te Len , daar ik anders door deze kwaaden zo

rtlijk verrascht zon worden.

De onfchuld van mijnen dierbaarenVerlosfer, i ,e ik hier wederom zo overtuigend zie , verlijdt intusfchen mijn hart. — Hij leed fchul-

os , zijn lijden kon derhalven voor fchuldiiLn ten goede komen. — Hij leed onder herbalde verklaaringen van onfchuld, uit den

Lnd van zijnen richter zelf te hooren, dit leeft zijn hart gefterkt om 't begonnen werk I volvoeren, om zijn lijden te voltooien, en Jm door zijne Ichuldeloosheid fchuldigen vrij je maaken.

3 Daar mede trooste ik mij, bij H befchouwen fan mijne opééngehoopte zondenfchulden, laar zie ik hoe op Hem mijne ongerechtigheden konden aanloopen, en ik in zijne fchuldeioosheid mijne bevrijding kan vinden, en even Kaar door worde ik opgewekt om dat fchulde[ooze lam als een beminnenswaardig voorLes ld te befchouwen, naar wien ik moet gelijken , wiens beeld te draagen mijn voornaamtle fieraad uitmaakt, zijne onberispelijke fchulteloosheid fpoortmij aan, om zorgvuldig toe Kk 4 te

Sluiten