Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE HELLEVEEG, 13 ToOH. 31

hebben te gaan, of ik heb daar agter een' beuzemttok ftaan, en da'ar meê zou ik je op je langen lenden kunnen fpeelen, datje ribben kraakten... Verftaaje dat, Dievekind van een Notaris!

van fibberen.

Dievenkind ... en dat tegen mij... ( Tegen Simon.) Simon, ik ben blij, dat je hier net op het mat komt. Je hoort hoe ik hier geinjurieerd word.

simon.

Jaa, Mijn Heer!

van fibberen.

Je wilt mijn getuigen wel wezen, s 1 m o n.

Uw ootmoedige dienaar. (Hij buigt zich zeer diep, en laat onder het buigen de brieven uit zijn' hand op het Tooneel vallen.)

j a c o m ij n.

Ha! ha! Uw ootmoedige dienaares... Een fchoone getuigen.

yan

Sluiten