Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

26 De W. I. ENGELSCIIMAN in LONDON.

mev. rusport."

Majoor O - Flakertij, ik ben verheugt u te zien. Neef Dudleij, gij ziet dat ik belet heb.

kar e l.

Ik zal mij niet aanmatigen het aangenamer onderhoud van uwe Ladijfchap te ftoorcu — naar ik bezef heb ik mijn antwoord weg.

m e v. r u s* por t.

Uw antwoord kind ! welk antwoord kunt gij met mogelijkheid verwagten; of hoe kan uwe romaneske vader vcronderitellen dat ik hem zou aanmoedigen in alie zijne onberaden en uitfpotjge ondernemingen? Koom, Majoor, laat ik u voorgaan naar mijne kleedkamer, 't is best dezen jongen gelukzoeker Overtelaten aan zijne bepeinzirigèn.

(Zij vertrekt.')

«i ajoor.

Ik za! u volgen Mevrouw. — Uw dienaar jongen Heer! Bij miin ziei, een zoo mooijc knaap als ik immer verlangde te zien. Hij mogt nogthans mijne begroeting wel beantwoord hebben; maar laat dat" zoo, misfehien keert de fortuin den armen jongen den nek toe , zij is eene verdoemde grillige Dame en zeer geneigt om den gek te fchecren met ons arme knapen die kokardes op onze hoeden dragen. — Wie gij ook zijn moogt, vaarwel zoete.

(binnen.)

KA-

Sluiten