Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

M D E SCHULDIGE'ECHTGENOOT,

MEVR. DORFEUIL.

Hoor my, Cecilia! welhaast zal het hnwelyk u met ttw' minnaar veréénen. Geloof niet, hoe beminlyk gy ook moogt wezen, dat gy altoos het voorwerp , dat zyn hart boven alles achten zal, zult zyn: bedwing vooraf «we eigenliefde, zo gy u niet ongelukkig maken wilt. Een man kan een zwak oogenblik hebben: het is onze pligt hem weder tot de deugd te brengen. Maar eens vrouw, Cecilia' die zich kan vergeten, al ware het' Hechts voor een oogenblik, verlaagt zich voor altoos. Myne vrindin! myn kind! dat uwe zorgen, uwe zagtaartigheid u de bemlnlykfte vrouw doen zyn in de oogen van uw echtgenoot. Geen ftuurschheid.- hoe veele huisgezinnen heb ik ondénig gezien om deze enkele oorzaak! Een man, in zyn huisflecht ontfangen, keert 'er nooit met vermaak in.

CECILIA.

Ach! nooit zal Linval my over zyne te huiskomst hooren knorren.

MFVR. DORFEUIL.

Myn dochter! de liefde van een' echtgenoot is moeilyk te bewaren: bedenk dit wel; wees voorzichtig, niet •rglwtig, verrykuwverftandt kweek degaven aan,die hem bekoren , vooral wees kiesch ; maar nooit ia. loersch. Ik herhaal het u, Cecilia! llrengheidjegens u« zelve, toegevendheid jegens uw' echtgenoot.

CECILIA.

Uwe raadgeving zal myne wet zyn; maar fta my eene

aan-

Sluiten