Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

30 Gilbert op dê

oorzaakcn myn Vader! „ Ja Gautier,

„ en hoor waarop die argwaan gegrond is. Ik „ ken den Heer Ternai voor een braaf en eer„ lyk man, en durf dus myzelven verzekeren, „ dat hy zyne Kinderen eene goede opvoe,, ding zal gegeeven hebben; zekerlyk heeft „ hy Louize kundig gemaakt, in het geen de „ welvoegelykheid van een jonge Dochter, „ met opzicht tot de Mannen vordert , en „ waarlyk met de hoogde billykheid vordert; „ Louize weet ongetwyffeld, dat die vorde„ ring beftaat in eene zekere ingetogenheid, „ in een vertoeven, dat (voegde de Grysaart „ 'er grimlachende by,) dat zekerlyk wel eens „ pynlyk kan weezen. Indien ik Louize be„ fchouw, als de Dochter van den Heer Ter„ nai, zou zy ongetwyffeld haare genegenheid „ voor den armen Gautier géfmoord hebben, „ in plaats van dezelve veld te laaten winnen; „ wel weetende, dat een Vader nooit onver„ fchillig is, omtrent den ftaat des Minnaars, „ die het geluk heeft van aan zyne Dochter te „ behaagen. Wanneer ik nu na dit alles hec ,. gedrag van Louize overweegmaar, viel Gautier hem in derede, zou Louize omtrent die welvoegelykheid, zo wel ah omtrent

die

Sluiten