Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TOONEEL SPEL. 17

AGTSTE TOONEEL.

Kakel, De Graaf, Laaghart, Eerkijk, Bedienden.

De Graaf fcbijnt treurig en leest, zonder op iemand

agt te geeven, in een' brief. Laaghart, den Graaf ziende , fielt zich fchielijk in

postuur, en gaat hem eerbiedig te gemoet. Eerrifk, treedt terug, om den Graaf, in 't leezen, niet te flooren.

Karel, tegen Filip:

(jFa, zonder rekken, (ken, Naar den Koetzier. De Graaf wil, voor wij nog vertrekEerst uit. Filip gaat weg.

De Graaf, na eenige oogenblikken leezens: Hier Laaghart!

Laaghart.

Wat gelieft Uw Edelheid? De Graaf. Is 't niet genoeg, dat ik, elk zonder onderfcheid, Wen hij, in mijnen dienst, zich maak' mijn goedheid waarGelegenheid vergunne, om eerlijk en rechtvaardig, (dig, Zich te verrijken ? Men bedriegt mij boven dat! Laaghart.

Wel zoo!...

De Graaf.

De Pagter heeft de ftoutheid zelf gehadt Om, in 't geheim, all' 't vee, voor zich, tot geld te maaken.

Laaghart. Verfchriklijk! kan het zijn ? foei, dat zijn flegte zaakenl

De Graaf. Gij deelde in zijnen buit, terwijl gij aannaamt,Fielt!.. Te melden: dat hij door de veepest was vernielt.

B Laag-

Sluiten