Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ÏN VERG. VAN HET NAD, VAN EEN GNDEUG. 23

rechtvaardigheid, menschlievenheid, barmhartigheid , oprechtheid , en andere deugden meer verkondigen , en aanprijzen , zomtijds zelve voorbeelden van overdadige verkwisting, uitfpattende boosheid, baatzugtigheid, Onrechtvaardigheid, liefdeloosheid, onmedogenheid , valschheid en vlcijerij bevonden worden te zijn , en hier door aan de eerwaardige orde, waar onder zij gerangfehikt waren, tot zoo groot eene fchande verftrekken, als zij aan de bevoordering en uitbreiding van den edelen godsdienst nadeelig zijn: — Moest de ondervinding der afgerolde eeuwen hier het pleitgeding beflisfen , ik zoude uit de kerkelijke gefchiedenisfe veele voorbeelden ten toneel kunnen voeren, welke de waarheid van mijn gezegde op de overtuigendftc wijze bevestigden; — Maar neen! fhier valle het gordijn, terwijl ik wenfche , dat deze fchandvlekkcn onder de Christenleeraars nimmer hunne navolgers in onze of in volgende tijden mogen vinden!

Wie zoude het eindelijk durven denken, dat zommige menfehen het zich niet fchaamen om onder den dekmantel van godsdienstigheid hunne natuurgenooten te bedriegen, B 4 on-

Sluiten