Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

B L T S P E L. 39

NEGENDE T O O N E E L.

FLORVAL, FRONTIN, ROSAURA, LAURETTA, ANTONIO, verfcholen.

LAURETTA.

jZytgy't, mynheer Florval?

FLORVAL.

Ik zelf ;ó ja, ik durf, myn waardfte! unogweêrlrreevenj •k Vertrek van hier niet, wat gevaaren my omgeeven. . Ik waag éér alles, dan dat ik't vermaak ontbeer', Van ute moogen zien.

ROSAURA.

Dit is de laatftekeer, Dat ikufpreekenzal. Florval, wy zullen beiden Na weinig uuren tyds voor altoos zyn gefcheiden. 'k Verlaat Sevilië.

FLORVAL.

Wat hoor ik!

LAURETTAi

Ja, 'tis waar.

Voor morgen ochtend vroeg is onze reis reeds klaar. Haar voogd wil ons naar één van zyne goedren brengen, Waar hy haar trouwen zal.

FLORVAL-

En gy zult zulks gehengen, Na de eeden, die door ons zo heilig zyn gedaan, Van nooit, wa! ook gebeurde, elkander af te ftaan?

FRONTIN.

Gy gaat ookmeede, en trouwt één' van de lompltebeeren, Antonio?

ANTONIO, ter zyde. Wat naam!

LAURETTA. Het is haar voogds begeeren.

C 4 AN"

Sluiten