is toegevoegd aan uw favorieten.

Reisen van George Forster, in den jaare MDCCXC.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C ii5 )

toet één woord , van alle die meesterlyke trekken waar v&teKlopftok* in den Mesfiai, zyns verheven fehildering van de Ópftanding verfiert. Ieder aanfchouwer kan waarlyk onverfchillig My* ven, of die beelden , welken de fchilder hier om hoog laat ryzeri, inde daad, in den hemel aanlanden, of niet; niemand misfehien zal zich aangeprikkeld gevoelen, om hen naateklimmen, ot intedringen in hunne benden , en zaligheden, voor welker genieting zulke grove fchepfels vatbaar zyn , met hen te deelèn: Onder dezelvett bemerkt men geen verheerlykte , tot wien onze liefde zich uitftrekt, aan wien men in verwondering, en vertederd, blyft hangen, en op wiens Wederzien men zich verheugt; niet één verdoemden, op wiens voorhoofd men de zwaarte zyner misdaad, en de regtvaardigheid van het Oordeel kan lezen, en wiens val men, egter, nog beweenen kan ! Ik vind , terwyl ik met moeite door het gewemel der reikhalfenden doordring, wel een fraai Engelenhoofd; maar dat het niet anders is, dan fraai, en flegts het eenige : juist dit maakt de geftrengfte berisping gaande. Van den geheel cn al mislukten Michael mag ïfc niet fpreken ; even min van hun , die hem vergezellen, èn ontydig op de bafuin blaazen, naamlyk, juist op 't oogenblik , dat de Regter der waereld bet vonnis uitfpreekt. Rubeits heeft dus, uit mt

H 55 Yer"