is toegevoegd aan uw favorieten.

Mijn tegenwoordig vaderland; of Wijsgeerige geschiedenis van Vrankrijk.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VADERLAND. 109

troon, welken men voor hem in gereedheid gebragt had, onder hec vreugdegeroep van alle aanweezenden: Lang leeve de Koning! Vervolgens werd hec procesverbaal der delibe* ratien van de Stad voorgeleezen, en de Heer Moreau de Saintmeri deed daerop de volgende aanfpraak:

„ Welk eene vertooning! Thans befchouwen wij een Koning , die teffens Burger is ! — Een Koning4 die gekomen is, om de wetten te doen herleeven, en die alleen door de wetten regeeren wil! — Welk een geluk voor een Vorst, aanfchouwer te weezen van de liefdevervoeringen van zijn volk! Sire! Zie

daar dat volk, dat men, als onwaardig, aan u heeft afgefchilderd! —ff

(Hier lag de Koning, met treffende aandoening, de hand op zijn hart.)

„ — Uwe geboorte heeft u ten troon verheeven; uwe deugden verfchaffen u thans het recht op denzelven. Uwe regeering zal het tijdperk der vrijheid weezen. Zoo nooit de Koninglijke troon vaster , grondflaagen heeft, dan wanneer dezelve op de liefde en getrouwheid der volken gegrondvest zij, dan is uw troon onwankelbaar."

Tot tweemaalen toe wilde de Koning het woord neemen, doch zijne flerke aandoeningen beletteden hem een enkele lettergreep te kunnen uitten. De traanen drupten hem langs de wangen, en misfchien heeft hij zig nooit welfpreekender uitgedrukt, dan juist even door dit fterktreffend flilzwijgen. De