is toegevoegd aan je favorieten.

Vaderlandsch woordenboek; oorspronklyk verzameld door Jacobus Kok. Eenendertigste deel. W.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gsd WILLEM de IL (Prins)

ïaste. Vooreerst, dat hij, in den eed van Holland zijnde, kwalijk hadt gedaan aan het geleiden van Krijgsvolk na Atr.* 'ftérdam, op bevel van zijne Hoogheid. — Ten tweeden, dat hij de Wallen van Amjlerdam bespied hadt. — Ten derden, dat hij de verfpreider was van het gerugt, wegens een Verdrag tusfehen Amfterdam en het Parlement van Engeland, Op de eerfte befchuldiging antwoordde hij, dat hij, als Kolonel, onder zijnen Kapitein - Generaal Mondt, die hem, zo hij gehoorzaamheid geweigerd hadt, wegens 't fchanden van den Krijgseed, zou hebben kunnen doen ftraffen; behalven dat zijne Hoogheid ook groot gezag hadt in zaaken van Regeeringe , en in Amfterdam alleenlijk begeerde gehoord te worden over zaaken, den dienst der Landen betreffende. — Op de tweede befc'auldiging merkte hij aan , dat hij , op 'sPrinfen bevel, uit den Hage gereeden was na Amfterdam, jnkoomenda door de Leidlche, en wederom uitrijdende door da Reguliers- of Utrechtfche poort, en voorts over Al-koude, Baambruege, Loênen, Vreeland, Kortenhoef, Hilverfum, leusden en Zoest, na Scherpenzeel; met geen ander oogmerk , dan om den tijd af je meeten, dien de Ruiterij, wel. ke hij van ScierpentséeJ na Amfterdam moest geleiden, tot deezen togt zou noodig hebben, zonder dat hij eenige gedagten hadt gehad om de Wallen der Stad te befpieden. —Op de derde befchuldiging erkende hij, op 't Huis ter Hart tegen de Heeren van Haarlem gezegd te hebben, dat het goed zou zijn, dat 'er wat minder gemeenfehap was tusfehen de Stad Amfterdam en 't Parlement van Engeland; daar bij voegende, als men hem naar reden vraagde, dat de Prins 'nem, weinige dagen geleeden, verklaard hadt, eenen brief gezien te hebben, uit Londen' gefchrceven, en meldende dat het Parlement beflooten hadt, Amfterdam met tienduizend man bij te ftaan. Hij veegde hier bij, een verhaal van 't geen hij zeide hem van den aanflag op Amfterdam bekend te £iju; waar in nies bijzenders te' vinden was. Doch alzo hij *t voornaam beleid toefchreef aan Graave willem frederik , Stadhouder van Friesland, gaf zijne verklaaring aanleiding tot den voorflag van die Provincie , om eene algemeene vergiffenis af te kondigen; waar in de Heer van scumelsdyk

ook