Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

T O O N E E L S P E L. 29 DERDE T O O N E E L.

BLASDORF, KASPER. BLASDORF.

Nu, Kaspcr, ik ben te hard, te fcherp.

KAS PER.

Die boozc mcnfchcn!

BLASDORF.

Neen, ik zal niet rusten , voor-ik myn vaderland rust en veiligheid heb verfchaft. Dit hoop ik nog te verwerven. Maar rust in myn eigen huis! ö, Op die moet ik al myn leven hoopen! Js myne vrouw al te huis ?

KASPER.

Nog niet, heer burgemeester.

BLASDORF.

Dan zwygt de ftorm nog, om daarna met verdubbeld geweld te woeden.

KASPER.

Verfchoon my, heer burgemeester f ik verwonder my dikwyls over uw geduld: want veeltyds gaat het te verre. Voor ons,... ei, wy worden het beftendig gekyf en gefchreeuw gewoon; maargy, met zo veel arbeids belaaden...

BLASDORF.

Is myne zaak! Maar toch, zeg my eens, Kasper, hebts gy niet bemerkt? Het menigvuldig bezoek des lieutenants verontrust my,

K AS-

Sluiten