Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 4 )

toof wel opleggen, en zyn zy wel alle te bid Je geweest ?

JAM FREDEIK.

Myn vrouw en kindesen zyn zeer wel , maar de jongens, Heer Pastoor! die daivelfche jongens, leeren de ftjyne Catechismus van cnfe zalige Doffer Lurker van vooren tot achteren, maar ik geloof die kinderen bshext zyn , zy vraagen myn na dingen die ik niet weet hoe ik dia moet beandwoorden , laat ik uw maar eens zeggen, heer Pastoor , daar is die ooschoud's karei, die jonge zy my voorgistern , woe komt het dog Meester, dat daar onfe Pastoor ons altyd zegt, dat wy onfe lieve lieer alleen moete aanbidden, dat Luther zegt, dat er is, God Vader, God Zóón , God Heilige Geest ; ja zie heer Pastoor, dan word ik zo verleegen, dat de dnyvel, toen hy in de fwynen voer, niet angftiger w;:s, als iki ik zeg dan die jonge wel dat onfe lieve Heer dat zo geopenbaard heb, door de Propheet David , en dat hy dat noit zal kunne begrypen , voor dat hy over de dertig jaar oud is, dat hy de heele bybel ïeefen mach, maar die karei zegt dan , och waar ik den moar zo autd'wie onfe flinebuur, die is joe te ooftere fexzig joar west , und die kan joe zeggen, wanneer einen Herben Zo!;

j o.

Sluiten