is toegevoegd aan uw favorieten.

Algemeene vaderlandsche letter-oefeningen, waarin de boeken en schriften, die dagelyks [...] uitkomen, oordeelkundig [...] verhandeld worden.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

444 p' r' roos, SURINAME verheerlykt.

Suriname verheerlykt, door v. f. roos. Te Amfierdam, by H. Gartman, 1795. In gr. 8vo. 17 bl.

f\p het berigt van het voorgevallene in Holland en V_/ elders , beklom de Burger roos, op den ai September des Jaars 1795, den Predikltoel in de Lutherfche Kerk in Suriname, om het heil, welk aldaar wierdt genooten, in tegenlielling van het deerlyk gefolterd Europa, in maatzang te verheerlyken. Wy pryzen des Dichters goedhartige welmeenendheid, en neemen deel in het geluk, welk hy, in het overzeesch Gewest, met zyne Landgenooten fmaakte, toen hy dezelve tot dankbaare blydfchap zogt op te wekken. Doch het fmart ons, dat roos, in verfcheiden opzigten, zyne toehoorders met ydele verwagting, en tot nog toe onvervulde beloften, heeft gestreeld. Men hoore hem aan het flot van zynen Zang:

„ Juicht myne Burgers! juicht! juicht myne Burgeresfl-n!

„ Juicht Echtgenooten, juicht met uwe hart meestresfen

„ En telgen, om het heil dat Suriname wagt:

„ Des Planters hoop ontluikt; de gulle Landbouw lacht,

„ 't Geliefde Moederland komt nieuwe hulpe bieden ,

„ Men ziet de bange zorg van onze Kusten vlieden;

„ De nyvre Ambagtsman , ontbonden van 't verdriet,

„ Zingt by zyn werk van 't heil, dai thans ons Land geniet,

„ De Handel afgekwynt, begint op nieuws te bioeijen,

De Zeevaart wakkert aan, men ziet de Volk'ren vloeijen, „ Van allen kanten naar myn vrugtbaar Wingewest, ,, 't Schynt dat de voorfpoed hier een nieuwe Meetel vest, „ De kust van Afrika, herbouwd gelyk voor deezen , „ Zal voor ons 't Magazyn van kloeken (laven wezen, „ De Landbouw, aangefpoort, fchaft dubble vrugtbaarheid, „ En eerlang wordt dit Land op 't heerlykst uitgebreid, „ 'k Zie reeds van ver een Ry van nieuw bebouwde Hoven, „ Aan Saramakka's Stroom, die loon voor vlyt belooven ; „ 'k Zie hoe de Welvaart weêr in u word voortgeplant,

En hoe ge uw fchatien (chenkt aan 't lieve Moederland, „ 'k Hoor uwe Leeraars reeds met Gods gewyde klanken , „ Den Vormer van 't Heelal op deezen Kantel danken; „ Voor all' den overvloed dien hy den Planter geeft, „ Terwyl gy allen hier in Vreede en Zeegen leeft."

En uit deeze Proeve zal tevens de kunstkundige Leezer over de maate van 's Burgers roos dichterlyk vermogen zyn oordeel kunnen vellen!