Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 33 >

om niet doemwaardig, Heidendom, aan veele oor* den der wereld, geenzins, of ter naauwernoode, en gebrekkig, vermag opteklhnmen (d). Of zouden deezen zondigen tegen de nimmer aan hun geopenbaarde Wet, „ dié, de Wet niet „ hebbende, zich zeiven een Wet zyn ?" Of is 'er „ overtreedinge, waar geen Wet is ,"noch van Christus , noch van Mofes ? Ondertusfchen zouden die Ongelukkigen , en de Christenen met hun, „ van Natuure geneigd zyn om God, „ en den Naasten, te haaten?" Ysfelyke gedachte , doch niet te bevreemden in een Man , die leeren kondc: Sed post lapfum homo per ptccatum, Qro kolt' &a%»v, aut originale) hac pulcerrimd imagine Dei amisfd, transformatus est in tttram imaginem Diaboli (e~). — „ Na den Val „ is de mensch, door de Zonde (hier de eerfis „ zonde, of Erfzonde), de uitneemend fchoone

Beeldtenis van God verlooren hebbende, in de „ afzichtelyke Beeldtenis des Duivels Vervormd."

Te liever heb ik my verpynd om dit zeggen van ursinus overteneemen, otnu, en myne Leezers, te overtuigen, dat men niet te gereed

zyn

(d) Dat ik hier niet te veel zegge, vertrouw ik, dat blykbaar is uit de Verhandelingen van teyler's Godg. Genootfchap, D. XVI. Zie de Schryvers, aldaar aangehaald, bl. 14. Noot (O eli 00-

CO Explkat. Catechet. Quseft. VI. De imagine Dei in homine, 5. 2. p. 41.

C

Sluiten