Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SPRAAKKONST. 229

Hiervan zijn uitgezonderd de volgende Werkwoorden, die de IJ in alle de tijden behouden. 1

ik benijd. ik benijdde. benijd. Benijden,

ik bedijk. ik bedijkte. bedijkt. Bedijken,

ik bedijk. ik bedijkte. bedijkt. Bedijken,

ik bevlijtig. ik bevlijtigde. bevlijtigd. Bevlijtigen,

ik bijt. ik bijtte. gebijt. Bijten.

Een gat in het ijs maaken.

ik frijt. ik frijtte. gefrijr. Ffijten.

ik gerijf. ik gerijfde. gerijfd. Gerijven.

ik grijs. ik grijsde. gegrijsd. Grijl'en.

ik gijfel. ik gijfelde. gegijfeld. Gijfelen.

ik hijg. ik hijgde. gehijgd. Hijgen,

ik hijs. ik hijste. gehijst. Hijsfen.

ik hijlik. ik hijlikte. gehijlikt. Hijliken.

ik kastijde. ik kastijdde. gekastijd. Kastijden,

ik krijg. ik krtjgde. gekrijgd. Krijgen,

ik krijsch. ik krijschte. gekrijschr. Krijsfchen.

ik krijt. ik krijtte, gekrijt. Krijten,

ik kwijn. ik kwijnde. gekwijnd. Kwijnen,

ik lijm. ik lijinde. gelijmd. Lijmen,

ik lijn. ik lijnde. gelijnd. Lijnen,

ik lijst. ik lijstte. gelijst. Lijsten,

ik mijd. ik mijdde. gemijd. Mijden,

ik mijt. ik mijtte. gemijt. Mijten,

ik mijmer. ik mijmerde, gemijmerd. Mijmeren,

ik mijn. ik mijnde. gemijnd. Mijnen,

ik ontlijf. ik ontlijfde. ontlijfd. Ontlijven,

ik ondermijn, ik ondermijnde, ondermijnd. Ondermijnen,

ik prijs. ik prijsde. geprijsd. Prijfen.

ik pijn. ik pijnde. gepijnd. Pijnen,

ik pijp. ik pijpte. gepijkt. Pijpen,

ik rijm. ik rijmde. gerijmd. Rijmen,

ik rijp. ik rijpte. gerijpt. Rijpen,

ik dijf. ik ftijfde. geftijfd. Stijven, ik fpijs. ik fpijsde. gefpijsd. Spijfen.

ik twijffel. ik twijfelde, getwijfeld. Twijfelen, ik twijg. ik twijgde. getwijgd. Twijgen,

ik twijn. ik twijnde. getwijnd. Twijnen.

P 3 ik

Sluiten