Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C m i

DERDE AFDEELING,

Van de Verkiezing der Leden voor d& Groote Kamer.

103. Tot de verkiezing van elk Lid in dc Groote Kamer zyn werkzaam dc Kiezers van twee Districten, te famen eenen Ring uitmaakende.

104. In ieder District wordt eene Nominatie gemaakt van twee Burgers, tot de keuze van één Lid voor de Groote Kamer.

105. De Kiezers van ieder District, te famen gekomen zynde, en ten ovcrfïaan van Gecommitteerden uit het plaatslyk Beftuur, zich geconftituëcrd hebbende, zo als in Art. 70. en volgende bepaald is, verdeelen zich , by loting, in twee gelyke Smaldcelen, ieder beftaande uit vyftien Kiezers, of uit zodanig getal, als, zo na moogiyk, dc helft uitmaakt van de te famen vergaderde Kiezers.

106. Elk Smaldeel der Kiezers begeeft zich in een* afzonderlyk vertrek, en kiest aldaar eenen Préfident en Secretaris.

107. Elk Smaldeel der Kiezers benoemt eenen Burger tot bovengemelde nominatie.

108. De Kiezers mogen niet benoemen iemand uit hun Smaldeel; maar wel uit het ander Smaldeel der Kiezers van hun District.

109. De benoeming gefchiedt op zodanige wyze, als Art. 80. bepaald is.

110. Elk Smaldeel geeft, zo dra de benoeming by hetzelve gefehied is, fchriftlykc kennis aan de Gecommitteerden van het plaatslyk Beftuur, dat de benoeming gefehied is, zonder echter «dén benoemden perfoon zeiven op te geven.

ui. Zö

Sluiten